donderdag 17 maart 2016

De brok

Er zit iets in m’n keel! Het begon allemaal vannacht, toen ik veel te vroeg wakker werd van het rumoer op straat. Waarom sliepen die mensen niet gewoon? Maar nee, een of andere misdadiger was opgepakt, het gesprek van de nacht. Ik vraag me soms af waarom ik doe wat ik doe, als niemand zich toch ooit iets aantrekt van het door mij gekoesterde ritme van dag en nacht. De sfeer was anders. Het was koud, kil. Kil! Dat woord dekt de hele lading van deze nacht. Onrustig wipte ik nog een poosje van mijn ene poot op de andere, maar ben blijkbaar toch nog even ingedommeld. En word ik normaal gesproken wakker van het voor mensen nog onzichtbare gloren van een nieuwe dag, ik ben ervan overtuigd dat ik hier deze keer niet wakker van werd. Het was een zucht koude wind die mij mijn ogen deed openslaan. Een rilling liep door mijn Israëlitische verenpracht. Nooit dacht ik na bij wat ik deed, maar deze keer schraapte ik zachtjes mijn keel en klonk mijn gekraai hard en gevoelloos door de nog donkere straten. Er klonken voetstappen, iemand struikelde, vlakbij. Ik hoorde een harde snik, gevolgd door onbedaarlijke, gierende uithalen. Ik wist me geen raad, alle onrust die ik al had leek tot een climax te komen deze ochtend. De hele dag zette ik geen keel meer op. Er zat iets in en ik wist niet of het er ooit nog uit zou gaan. Heel even voelde ik mee met deze vreemde man, die daar inmiddels bewegingloos verkrampt op de grond lag. Angstig, radeloos en naar ik vermoed, oververmoeid.

Rooster - Haan, made by © Alie Hoogenboezem-de Vries:

Geen opmerkingen:

Een reactie posten